Einstein 1994

Uitgever:
Auteur:
Land van oorsprong:
Beschikbare talen:
Richtprijs:
€ 8
Bron:

Omschrijving

Bron: Spellenlab
Het is bijna niet te geloven, maar met maar vijf gewone dobbelstenen (en een vakkundig opgesteld scoreblaadje) is Sid Sackson er in geslaagd een vlot en spannend spel te bedenken. Als je het spelmateriaal onder ogenschouw neemt, dan denk je wellicht aan ‘Yahtzee’, het beroemdste (maar niet het beste) dobbelsteenspel. Deze doos is zonder enige twijfel van een hoger niveau!
Om de beurt dobbelt elke speler met de vijf dobbelstenen. Iedere deelnemer (het maximum aantal speler wordt niet op de doos vermeld omdat dit ook geen enkele invloed heeft op het spelverloop) bekijkt de vijf waarden en duidt zijn keuzegetallen aan op zijn scoreblaadje. Hierbij moet elke speler twee keer twee dobbelstenen (volledig vrij te kiezen) bij elkaar optellen op het linkergedeelte van het scoreblaadje naast elke gevormde som een vakje doorkruisen. De waarde van de overblijvende vijfde dobbelsteen wordt vervolgens in de rechterbovenhoek genoteerd. Bij de worp van elke volgende speler gaat het spel op dezelfde manier verder: twee sommen maken (en aankruisen) en een restgetal noteren. Jammer genoeg kunnen slechts drie verschillende restgetallen gekozen worden. Telkens als één van deze getallen in een worp voorkomt, moet het aangekruist worden (let wel: per worp natuurlijk slechts één getalwaarde). Soms (maar reken daar maar niet te veel op) heb je geluk en komt geen enkele van de drie restgetallen voor in de worp. In die gevallen moet dan ook geen vakje doorkruist worden. Naast elk restgetal zijn precies acht vakjes aanwezig. Zodra een speler naast een van de getallen het laatste vakje in de rij aankruist, eindigt zijn spel. (Dit zal vaak verschillen voor de respectievelijke deelnemers.)
Punten worden uiteindelijk alleen in het linkergedeelte van het blaadje behaald. Naast elke mogelijk som (van 2 tot 12) staan 10 vakjes en een welbepaalde puntenwaarde. Zoals reeds gezegd moeten steeds twee sommen gemaakt worden en aangeduid worden. Zijn naast een getalwaarde slechts 1 tot 4 vakjes doorkruist, dan levert dit steevast 200 minpunten op. Pas als 5 vakjes aangekruist werden kan iemand opgelucht adem halen want dan zijn er noch min-, noch pluspunten. Vreugde is er pas als 6 of meer (maximaal 10) vakjes aangestreept werden: elk vakje boven de 5 brengt nl. pluspunten op. Elk vakje wordt dan vermenigvuldigt met de bijbehorende puntenwaarden. Negen keer de som ‘8’ aankruisen, brengt op deze wijze 160 punten op (4 keer 40 punten). Bij het beëindigen van zijn spel berekent een speler zo voor elke gebruikte som de overeenkomstige puntenwaarde. Wie uiteindelijk het grootste (positieve) totaal (of minst negatieve...) bekomt, wint.
In dit spel komt geluk natuurlijk ook om de hoek kijken. Maar het komt er vooral op aan goed uit te kijken welke sommen men gaat aanstrepen. Het is steeds een noodzaak om elke mogelijkheid te berekenen en in te schatten. Een beet gokwerk komt er natuurlijk ook aan te pas. Wie zo weinig mogelijk verschillende sommen nodig heeft in het linkerdeel en zo lang mogelijk kan meespelen, heeft de grootste kans op winst.
Net zoals ‘Take it easy’ is het soms verrassend hoe ver de scores van de deelnemers uit elkaar liggen want eigenlijk heeft nagenoeg iedereen dezelfde dobbelsteenwaarden benut.
Aantal spelers 1-8 spelers
Speelduur 16' tot 45'
Leeftijdscategorie Vanaf 9 à 12j
Moeilijkheidsgraad eenvoudig
Einstein